Routeontwerp A4
De aanleg en modificatie van infrastructuur is vaak omgeven met schaamte en weinig trots. Met het fenomeen Routeontwerp wil Rijkswaterstaat dat doorbreken. Doel van het routeontwerp is de ontwikkeling van een samenhangende visie op de snelweg, de omgeving en de relatie tussen weg en omgeving.
De A4 is te kenschetsen als een snelweg door de Rijn-Scheldedelta. Het routeontwerp voor de A4 heeft daarom de titel ‘Deltaroute’ gekregen. Samenhangend met deze ligging is er sprake van een karakteristieke afwisseling van (hoog)stedelijke gebieden en open polderlandschappen. In het routeontwerp van de A4 worden richtbeelden gegeven voor de omgeving en richtlijnen voor de vormgeving van de weg. Daarnaast is er aandacht voor de implementatie van het routeontwerp.
Richtbeelden omgeving: De contrasten (tussen hoogstedelijke gebieden en open polderlandschappen) worden opgevoerd, waarbij een onderscheid wordt gemaakt tussen acceleratiegebieden en stabilisatiegebieden. Daarnaast wordt het contact tussen weg en omgeving uitgewerkt in voorstellen ter verbetering van de landschappelijke en stedelijke dwarsrelaties over en onder de weg.
Richtlijnen voor de weg: De richtlijnen voor de weg zijn te herleiden tot drie basisprincipes: anticiperen op ontwikkelingen, verduurzamen van het ontwerp en gebruik, vormgeven als “rivier”. Er zijn ontwerpprincipes ontwikkeld die erop gericht zijn om de dynamische kwaliteit van dit lineaire landschap te verbeteren en die anderzijds de dwarsrelaties over en onder deze ‘rivier’ mogelijk maken en versterken.


