• Locatie
  • Zeeuwse Delta
  • Schaal
  • L
  • Periode
  • 2009
  • Partners
  • CLM Onderzoek en Advies
  • CSO Adviesbureau voor Milieu, Ruimte en Water

In het rapport van de Deltacommissie ‘Samen werken met water’ (2008) is omgang met zeespiegelstijging een belangrijk item. Een ander actueel thema is de discussie tussen landbouw en natuur, zoals bijvoorbeeld gevoerd rondom de ontpoldering van de Hedwigepolder. Het concept ‘Van zoute vijand naar zilte vriend’ zet in op een herontdekking van de contactzone tussen land en water, waarin functies juist niet langer eenduidig en permanent zijn vastgelegd.

De oude traditie van inpoldering wordt herontdekt en ingezet om te komen tot een modern en meervoudig landschap, passend bij de Zeeuwse regionale identiteit. Polders op de grens van land en water worden voor een bepaalde periode (weer) onder invloed van het getij gebracht. Het land zal door natuurlijke sedimentatie ophogen, wat voor het achterliggende gebied een verbeterde hoogwaterveiligheid tot gevolg heeft. Na afsluiting is weer voor jaren landbouwkundig gebruik mogelijk. Er ontstaat zo afwisselend voedselrijke jonge schorren en vruchtbare landbouwgrond. De tijdschaal waarop deze processen tot uiting komen bestrijkt generaties.  

Het concept ‘Van zoute vijand naar zilte vriend’ combineert het omgaan met klimaatverandering en zeespiegelstijging en kent een innovatieve benadering van de discussie tussen landbouw en natuur in de Zeeuwse Delta. Het is ontwikkeld in samenwerking met CSO en CLM voor de Delta Water Award, een prijsvraag uitgeschreven door de provincie Zeeland. De jury heeft dit concept beoordeeld als het meest innovatieve en originele idee en heeft er de tweede prijs aan toegekend. 

INHOUDELIJKE BIJDRAGE 

Voormalig medewerker Marieke Brouwer

Huidige situatie; De polders langs de dijk zijn in landbouwkundig gebruik en hebben te kampen met zoute kwel. De naastgelegen schor is op natuurlijke wijze zodanig opgehoogd dat deze alleen met springvloed onder water loopt.
Fase1; de slaperdijk rondom de middelste polder wordt versterkt en in de huidige buitendijk worden doorlaten gemaakt voor water en sediment. De voormalige polder wordt een nieuw intergetijdengebied. De hoog gelegen schor wordt ingepolderd.
Fase2; in de voormalige polder ontwikkelt zich een schor waarop zouttolerante gewassen geteelt kunnen worden. Het dorp dat door door de jaren heen door inpoldering steeds verder op afstand is komen te liggen krijgt weer een nieuw contactpunt met het water
Fase 3; De voormalige schor is zodanig ontzilt dat deze in gebruik kan worden genomen als weidegrond. De voormalige polder is opgeslibt tot op de streefhoogte, de inlaten in de dijk kunnen weer gesloten worden.
Fase 4; De middelste polder kan weer gebruikt worden als weidegrond en later als akkerland. Hetzelfde poces kan nu ook in een andere polder worden opgestart waardoor er een reeks wisselpolders langs het water wordt ontwikkeld.

Deel dit project

Deel dit project op LinkedIn

Meer weten? Wij hebben eraan gewerkt

Pieter Schengenga directeur, landschapsarchitect
Gepke Heun bureaumanager

Gerelateerd

Project

De Adaptieve Dijk

  • Duurzame Stad & Regio
  • Water & Ruimte
Project

Zand­motor

  • Natuurontwikkeling
  • Water & Ruimte