• Locatie
  • Provincie Brabant
  • Periode
  • 2017-verder
  • Partners
  • Het Groen Ontwikkelfonds Brabant
  • Over Morgen

Het landelijke gebied vraagt om middelen die de transformatie richting een duurzamer, meervoudiger inrichting en gebruik mogelijk maken. Ook in Noord-Brabant waar de intensieve veehouderij aanloopt tegen de grenzen van milieu, infrastructuur en maatschappelijke acceptatie. Er wordt veel verwacht van energieproductie. Laten we dit meteen goed aanpakken. Geen zonneparken als enkelvoudige interventie, maar als aanjagers van verduurzaming en biodiversiteitstoename.

Aanleiding & opgave

Zonnepark + Nieuwe natuur 

Sinds het najaar van 2017 onderzoekt het Groen Ontwikkelfonds Brabant of de ontwikkeling van nieuwe natuur en het opwekken van duurzame energie elkaar kunnen versterken.

H+N+S en OverMorgen stelden samen met het Groen Ontwikkelfonds Brabant een strategie op die duurzame energie oplevert én natuur ontwikkelt. Financiele revenuen van de ontwikkeling van een zonnepark worden aangewend voor cofinanciering om de natuurontwikkeling in Noord-Brabant te versnellen. Met gelijke rendementen en gebruik makend van de mogelijkheden van het Groen Ontwikkelfonds Brabant kan zo een zonnepark ontwikkeld worden met veel meer ruimte voor natuurontwikkeling op korte en lange termijn.

 

Business case essentials

Ten opzichte van een ‘standaard’ zonnepark worden er minimaal 30% minder panelen geplaatst. Het zonnepark blijft 15 jaar staan, met een gelijkblijvend commercieel rendement dankzij het Groen Ontwikkelfonds Brabant. Vanaf dag 1 gaan natuurontwikkeling en duurzame energie-opwekking samen door de extensieve opzet van het zonnepark. Wanneer de zonnepanelen verdwijnen na 15 jaar wordt de grond volledig beschikbaar voor de natuur. Per hectare zonne-natuur wordt voor 160 huishoudens schone stroom opgewekt: jaarlijks 475.000 kWh.

Op intensief bouwland...
... is een extensief zonnepark opgezet voor 15 jaar...
..en natuurontwikkeling op lange termijn.

Visie

Van meest efficiënte inrichting...

Vanuit efficiëntie worden zonnepanelen in een zonnepark geplaatst op een stellage, even van de grond en onder een hoek, zo goed mogelijk georiënteerd op het zuiden. Tussen de rijen met panelen wordt tussenruimte aangehouden om de onderlinge schaduwwerking zoveel mogelijk te beperken. Meestal is de tussenruimte en ruimte onder de panelen feitelijk restruimte, die onderhoud vergt. Er zijn zonneparken waarin periodiek schapen worden ingezet om het gras kort te houden. Hekken tegen diefstal vormen de randen van zonneparken in de meest efficiënte opzet. Ondanks het nobele doel om duurzame energie op te wekken, is de vraag welke landschappelijke kwaliteit overblijft door de technische constructies, het volledig gebruik van de grond voor de energie-opwekking, en het omringen met hekken. 

Geen ‘zonneakkers met een hek er omheen’ maar meervoudige waardecreatie.

...naar verbreding van de doelstelling

Het spreekt voor ons voor zich dat de locatiekeuze en landschappelijke inpassing van een zonnepark serieus onderdeel van de locatieontwikkeling uit zou moeten maken. Daarbij gaat het minimaal om de hoofdindeling, de beleving vanaf de randen én de vormgeving van deze randen. Maar onze ambitie gaat verder. Wij willen met ontwerp, aanleg en exploitatie van een zonnepark ook andere maatschappelijke (én landschappelijke!) doelen mee ontwikkelen.

De ‘wisselteelt’

Het nieuwe zonnepark wekt 15 jaar duurzame energie op. Het rendement dekt de waardevermindering van de grond, waardoor het na 15 jaar tot natuurgebied bestemd kan worden. Het businessmodel is uitgerekend; we zoeken nu naar de eerste pilotprojecten. Deze vorm van ‘wisselteelt’ willen we graag uitwerken en onderzoeken. Wat betekent dit in de praktijk? Welke gronden zet je hiervoor in? Kunnen we door het invullen van ontbrekende puzzelstukken uiteindelijk tot aaneengesloten natuurgebieden komen? Bijkomende vraag is hoe de grond en biodiversiteit zich ontwikkelt tijdens het gebruik als zonnepark. Hoe voorkomen we dat het bodemleven achteruit gaat? Hoe stimuleren we een maximale biodiversiteitswinst al tijdens het gebruik als zonnepark? 

De 4 fasen van het zonnepark

Simulatie van een natuurlijk milieu

Het zou aantrekkelijk zijn als het zonnepark niet pas over 20 jaar, maar meteen na realisatie natuur met waarde oplevert. Wat als het zonnepark zélf onderdeel vormt van een natuurgebied? Een schot voor de boeg. De stellages met zonnepanelen leveren bijzondere condities: een schaduwrijk milieu, dat zich mogelijk laat vergelijken met de situatie onder het bladerdak van bos. Afhankelijk van de opstelling van panelen zijn de condities meer of minder schaduwrijk, is het bos ‘ijl’ of dichter en is het gesloten of afwisselend met open plekken.

 

Waarschijnlijk levert het zonnedak ook specifieke vochtcondities op. We willen de potentie van een zonnepark als natuurlijk milieu graag verder onderzoeken en inzetten in de praktijk. Vragen zijn bijvoorbeeld welke (voor)bewerking en beheer van de bodem het beste resultaat oplevert. Is een zonnedak vooral kansrijk als ‘kunstmatig bladerdek’? Wat betekent het dat het dek jaarrond hetzelfde is? Zijn er ook combinaties met grasland of nattere natuurtypen mogelijk? Daarvoor zullen we de bekende opstellingsvormen, die vooral gebaseerd zijn op efficiënt ruimtegebruik, aanpassen en uitbreiden op hun werking in een natuurgebied.

Bosfasen

Inspiratie voor een maximale biodiversiteit in een gebied is te vinden in natuurlijk bossen. Een natuurlijk bos kent meerdere ontwikkelfasen naast en door elkaar. Naast ‘volwassen bos’ met grote bomen op afstand van elkaar die samen gesloten bladerdek vormen, zijn er delen die zich in de ‘stakenfase’ bevinden. Daarnaast zijn er delen waar gaten gevallen zijn, en de successie opnieuw een kans krijgt. In een nieuw aangeplant bos is deze variatie normaal gesproken niet aanwezig. In het Noorderbos in Tilburg is zo’n 20 jaar geleden voor het eerst een alternatief plan voor bosaanleg toegepast, een beplantingsconcept dat uitgaat van aanleg volgens het karakter van de verschillende fasen om versneld de waarde van een natuurlijk bos te bereiken. Het concept hiervoor is ontwikkeld door Ronald Buiting in samenwerking met H+N+S Landschapsarchitecten.

 

Een nieuw idee is het combineren van dit beplantingsprincipe met het zonneveld-natuur concept. Kunnen we door middel van het zonneveld de condities van één van de bosfasen simuleren. Als op termijn andere delen deze condities op natuurlijke wijze overnemen kan het zonnedak mogelijk doorschuiven naar een andere plek. Op deze manier wordt het zonnepark op zinvolle wijze ingezet binnen de natuurlijke cyclus. Een ander idee is het aanleggen van zonnevelden aan de zuidzijde van bosfragmenten in het landbouwgebied, om hiermee een deel van de natuurlijke gradiënt van bos naar mantel naar open gebied te simuleren daarmee de bestaande natuur te verrijken.

De natuurontwikkelingsopgave in Brabant

Een deel van het Natuurnetwerk is reeds natuur. Naast de bestaande natuur zijn er gebieden waarvoor het versterken van natuurgebieden of het realiseren van verbindingen natuurontwikkeling zeer gewenst is. Hier wordt de strategie ingezet.

Welke locaties zijn geschikt?

Welke locaties in Brabant überhaupt geschikt zijn voor duurzame energieopwekking en waar een zonneveld haalbaar is, hangt van veel factoren af. Zoveel factoren dat het ondoenlijk is om dat voor gehele provincie te onderzoeken.

Het Groen Ontwikkelfonds Brabant heeft een kaart gemaakt als hulpmiddel voor mensen die kansen zien om de ontwikkeling van nieuwe natuur en het opwekken van duurzame energie te combineren (meer informatie op de website van Provincie Noord Brabant). 

 

Voor verdere uitwerking van een potentiele locatie moet een gerichte analyse ter plekke worden gemaakt. De kaart toont kadastrale percelen, gelegen in het Natuurnetwerk Brabant. Op deze (paars gekleurde) percelen moet nog natuur worden gerealiseerd. Daarnaast zijn in groen percelen ingetekend, die in de omgeving van het Natuurnetwerk liggen en onder voorwaarden door herbegrenzing alsnog in het Natuurnetwerk kunnen worden opgenomen.
Per perceel wordt de oppervlakte getoond, de kadastrale aanduiding(en), het geschatte vermogen van het zonneveld, het natuur ambitietype (voor clusters in het NNB) en de afstand tot het dichtstbijzijnde hoofdstation en middenspanningstransportstation (Klik om weer te geven).

Meer weten? Wij hebben eraan gewerkt

Pieter Schengenga directeur, landschapsarchitect

Gerelateerd

Project

Longread Energie en Ruimte

  • Duurzame Stad & Regio
  • Energie & Ruimte